Fabber principes
Een fabber is een kleine, op zichzelf staande fabriek die uit digitale data automatisch objecten maakt. Deze drie-dimensionale, massieve objecten worden gebruikt als model, prototype of eindproduct. Fabbers maken gebruik van een breed scala aan technieken.

3 basisprincipes
Fabbers zijn in te delen naar de wijze waarop zij omgaan met hun grondstof:
- Verwijderen: Materiaal wordt weggesneden uit een massief blok, zoals bij frezen, draaien of elektro-bewerking. Substractieve fabbers zijn geautomatiseerd sinds de jaren 1940. Ze worden vaak computer-numeriek bestuurde (CNC) machines genoemd.
- Toevoegen: Materiaal wordt toegevoegd op de gewenste plaats laag voor laag. De meest bekende additieve methodes zijn stereolithografie, sintering en inkjet technology. De meeste 3D-printers maken gebruik van dit basisprincipe. De eerste commerciële additieve fabber werd geïntroduceerd in 1986.
- Vervormen: Materiaal wordt niet toegevoegd of verwijderd, maar bijvoorbeeld met tegengestelde druk vervormd. Formatieve technieken zijn nog in ontwikkeling.
- Hybride: Sommige fabbers maken gebruik van een combinatie. Laminated object manufacturing snijdt eerst het materiaal weg en legt het dan op de gewenste plaats. Een combinatie van ponsen (verwijderen) en persen (toevoegen).